Dat ze naar de volgende zomer verlangt
Zoals een impressionist naar mooie vrouwen
Haar torso die in haar in elkaar geknoopte armen hangt
Met de handen schuilgaand in de mouwen
Haar dunne cardigan van gehaakte lamawol
Houdt nauwelijks de koude westenwind tegen
De hoop die ze uitspreekt, klinkt leeg en hol
Haar ogen zoeken camouflage in de zoete regen
Dat het voorbij is, de zomerliefde, is zonde
Het leek voor eeuwig, maar het was maar heel even
Vrienden blijven, dat is als zout in de wonde
Van het bootje is enkel drijfhout overgebleven
Zo dobberde ze doelloos langs me heen
Ik had haar thuis wel op willen vangen
Maar ik was een vriend, en dus alleen
Ik paste niet in het verhaal; net als varkens en tangen
(25-Sep-2019)

Een reactie achterlaten