Ik zit in de trein van Antwerpen naar Brussel wanneer ik het eerste kladje schrijf van één van mijn levenslessen. Ik dacht dat het een goed idee zou zijn om eens op papier te zetten wat ik geleerd heb in mijn leven tot dusver. Misschien heeft ooit iemand iets aan mijn pareltjes van wijsheid. Nu klink het erg blasé om te doen alsof ik de wijsheid in pacht heb, dat besef ik maar al te goed. Misschien heb ik het helemaal verkeerd voor. Maar ik ga het toch proberen. Uiteindelijk zijn het maar bezinksels, condensaties, neerslag, en niet meer of minder dan dat.
Het originele kladje was bovendien in het Engels geschreven, dat was in een periode dat ik dacht dat ik zou kunnen schrijven voor een internationaal publiek. Maar mijn woordenschat is rijker in mijn moedertaal, genuanceerder en veelzijdiger. Daarom begin ik er nu maar mee om het allemaal in het Nederlands om te turnen.
Eigenlijk ben ik op weg naar Parijs, moet overstappen in Brussel, en ik zweet en heb het veel te warm. Het is zomer en ik heb me de ziel uit het lijf gejaagd om de trein te halen. Kleine misrekening van de benodigde tijd om me klaar te maken. Dat gebeurt, maar daarover later meer. Er zat alvast een goede les in, op tijd komen is eerder een gevolg van op tijd vertrekken in plaats van snel te reizen, verplaatsen, rijden, … of lopen in mijn geval. ‘Vertrek op tijd’ is een goede raad, ‘Plan met wat marge’ is een betere. ‘Op tijd’ betekent niets als je niet op voorhand weet hoelang de verplaatsing gaat duren, inbegrepen de tijd om je vertrek voor te bereiden.
Waarom begin ik dit boek met de anekdote over mijn gehaaste vertrek naar Parijs. Dat zit hem zo; Parijs is inspirerend en dat zal niemand contesteren, dat Parijs mij inspireert is ook geen geheim. Het is prachtige stad. En ik vertrek uit Belgie, een land dat bestaat uit twee helften, eigenlijk geen halven maar delen. Verder zijn die twee delen opgebouwd uit nog meer delen. Belgie is eigenlijk een puzzel, een mooie maar moeilijke puzzel.
Het leven is een puzzel en bestaat uit duizenden puzzelstukjes. Elke dag één. Waar het stukje past is vaak een vraagteken en zoals met een echte puzzel, het begint pas boeiend te worden als je voldoende in elkaar passende stukjes hebt. Puzzelstukjes verzamelen is niet zo moeilijk. Hoe maak je van die stukjes een mooi geheel?
Ik begin er aan.